ECLI:NL:RBDHA:2018:6022
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublin-verantwoordelijkheid Duitsland
Eiser heeft op 4 februari 2018 een asielaanvraag ingediend in Nederland. Verweerder, de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, heeft deze aanvraag op 25 april 2018 niet in behandeling genomen omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag volgens de Dublin-verordening. Eiser was eerder in Duitsland geweest waar zijn asielaanvraag was afgewezen en hij werd door Duitsland teruggenomen.
Eiser betoogde dat hij in Duitsland slachtoffer was geworden van mishandeling en geen adequate bescherming of medische zorg had ontvangen, waardoor overdracht aan Duitsland in strijd zou zijn met artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro EU. De rechtbank oordeelde echter dat eiser bescherming in Duitsland kan krijgen en dat het ontbreken van reactie op zijn aangifte niet betekent dat bescherming ontbreekt. Tevens was onvoldoende onderbouwd dat medische zorg in Nederland noodzakelijk zou zijn.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht heeft geoordeeld dat Duitsland verantwoordelijk is en dat er geen reden is om de verantwoordelijkheid over te nemen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag wordt niet in behandeling genomen omdat Duitsland verantwoordelijk is.