ECLI:NL:RBDHA:2018:756
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G. van Zeben-de Vries
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij schorsing rijbewijs
Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) heeft de geldigheid van het rijbewijs van eiser geschorst en een onderzoek naar zijn geschiktheid tot het besturen van een motorrijtuig opgelegd. Dit gebeurde op grond van meerdere processen-verbaal wegens vermoedelijke overtredingen van de Wegenverkeerswet 1994, waaronder een hoge ademalcoholwaarde en weigering tot medewerking aan alcoholonderzoek.
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit, dat door het CBR ongegrond werd verklaard, waarna hij beroep instelde bij de rechtbank. Tijdens de procedure bleek dat na het instellen van het beroep het rijbewijs van eiser ongeldig is verklaard bij een later besluit, waartegen geen bezwaar is gemaakt.
De rechtbank oordeelt dat eiser met het beroep niet in een gunstigere positie kan komen omdat het rijbewijs onherroepelijk ongeldig is verklaard. Ook is niet gebleken dat eiser schade heeft geleden door het bestreden besluit. Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.