ECLI:NL:RBDHA:2018:766
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G. van Zeben-de Vries
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering afgifte rijbewijs wegens woonplaatsvereiste
Eiseres vroeg op 6 maart 2017 een Nederlands rijbewijs aan. De RDW weigerde dit op 29 maart 2017 omdat eiseres niet voldeed aan de eis minimaal 185 dagen in Nederland woonachtig te zijn. Na een bezwaarprocedure handhaafde de RDW dit besluit op 4 juli 2017. Eiseres stelde dat zij ondanks uitschrijving in 2013 feitelijk in Nederland woonachtig is, omdat zij fulltime werkt in Nederland, er verblijft en haar correspondentieadres bij haar ouders heeft.
De rechtbank oordeelde dat het begrip 'woonachtig zijn' in het Reglement rijbewijzen en de Europese Richtlijn 91/439/EEG moet worden uitgelegd als feitelijk woonachtig zijn, waarbij inschrijving in de Basisregistratie Personen (BRP) niet doorslaggevend is. Eiseres heeft voldoende bewijs geleverd van haar persoonlijke en beroepsmatige bindingen met Nederland.
Daarom is het bestreden besluit van de RDW gemotiveerd onvoldoende en vernietigt de rechtbank dit besluit. De RDW wordt opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen, rekening houdend met deze uitspraak. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan eiseres vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van de RDW wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering omtrent de woonplaatsvereiste.