ECLI:NL:RBDHA:2018:8201
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring opvolgende asielaanvraag Eritrese nationaliteit
Eiseres, met de Eritrese nationaliteit, diende een opvolgende asielaanvraag in nadat haar nationaliteit eerder ongeloofwaardig was bevonden. Zij overlegde een nationaliteitsverklaring van de Northern Red Sea Region Regional Administration Massawa als nieuw bewijs.
Verweerder verklaarde de aanvraag niet-ontvankelijk op grond van artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder d, van de Vreemdelingenwet 2000, omdat de overgelegde documenten geen relevante nieuwe bevindingen bevatten en niet als identificerend document konden dienen. Verweerder kon de authenticiteit niet vaststellen vanwege gebrek aan vergelijkingsmateriaal.
Eiseres betoogde dat het gebrek aan vergelijkingsmateriaal niet haar verwijt was en dat zij recht had op de mogelijkheid om een contra-expert onderzoek in te brengen. De rechtbank oordeelde echter dat het aan eiseres was om aannemelijk te maken dat de nationaliteit alsnog geloofwaardig was, hetgeen niet is gelukt.
De rechtbank stelde vast dat het document geen foto bevatte en daardoor niet kon worden vastgesteld dat het op eiseres betrekking had. Hierdoor was er geen aanleiding om nader onderzoek toe te staan. Het beroep is ongegrond verklaard en er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de opvolgende asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.