ECLI:NL:RBDHA:2018:8204
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen terugwijzing asielaanvraag aan Slovenië op grond van Dublinverordening
Eiser heeft op 3 april 2018 een asielaanvraag ingediend in Nederland, nadat hij eerder op 12 februari 2018 een asielverzoek had gedaan in Slovenië. Nederland heeft op grond van de Dublinverordening Slovenië verzocht om eiser terug te nemen, hetgeen Slovenië heeft bevestigd. Verweerder, de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, heeft het besluit genomen om de asielaanvraag niet inhoudelijk te behandelen en deze terug te verwijzen naar Slovenië.
Eiser voerde aan dat hij gedwongen was vingerafdrukken af te staan en dat Slovenië Europese asielrichtlijnen niet correct heeft toegepast. De rechtbank oordeelt dat deze stellingen niet afdoen aan de verantwoordelijkheid van Slovenië en dat eiser geacht wordt deze klachten in Slovenië te behandelen. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij die mogelijkheid niet heeft.
Verder heeft verweerder overwogen dat er geen bijzondere feiten of omstandigheden zijn die rechtvaardigen dat Nederland de asielaanvraag zelf behandelt. Eiser heeft dit onvoldoende concreet onderbouwd, ook niet in beroep. Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot terugwijzing van de asielaanvraag aan Slovenië wordt ongegrond verklaard.