Verzoeker heeft een verzoek ingediend tot herziening van een eerdere beschikking waarin zijn Nederlanderschap werd afgewezen. Hij overlegt een authentieke, gelegaliseerde huwelijksakte van zijn ouders, waarin een huwelijk in 1999 is geregistreerd. Volgens verzoeker betreft dit de registratie van een eerder in 1987 gesloten Sikh-huwelijk.
De rechtbank beoordeelt of deze akte voldoende bewijs levert van een rechtsgeldig, in Nederland te erkennen huwelijk waardoor de vader als juridische vader kan worden beschouwd. De IND betwist de echtheid en rechtsgeldigheid van de akte en stelt dat het document een burgerlijk huwelijk betreft, niet het religieuze Sikh-huwelijk.
De rechtbank concludeert dat de verklaring van de vader inconsistent en ongeloofwaardig is en dat de akte vermoedelijk een nieuw huwelijk betreft, niet de registratie van het eerdere huwelijk. Hierdoor is niet aangetoond dat sprake is van een rechtsgeldig huwelijk dat erkenning in Nederland verdient.
De rechtbank wijst het verzoek af omdat niet is voldaan aan de voorwaarden voor herziening en omdat geen familierechtelijke betrekking is vastgesteld die het Nederlanderschap zou kunnen rechtvaardigen. De biologische vaderschap is wel vastgesteld, maar dit leidt niet tot Nederlanderschap zonder juridisch huwelijk.