Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
zaaknummer: NL19.25579
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Nigeriaanse asielzoeker, diende op 2 juli 2019 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder, de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, nam dit verzoek niet in behandeling omdat Italië verantwoordelijk is op grond van de Dublinverordening, bevestigd door Eurodac-gegevens die een eerdere asielaanvraag in Italië tonen.
Eiser voerde aan dat Italië niet aan zijn internationale verplichtingen voldoet, verwijzend naar schrijnende omstandigheden, gebrek aan rechtsbijstand, en het arrest Tarakhel dat aanvullende garanties vereist voor kwetsbare asielzoekers. Ook stelde hij slachtoffer te zijn van mensenhandel en bedreigd te worden, met psychische problematiek.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat Italië zijn verplichtingen niet nakomt. De door eiser aangevoerde informatie verschilt niet wezenlijk van eerdere door de Afdeling bestuursrechtspraak beoordeelde situaties. Daarnaast is onvoldoende onderbouwing geleverd voor het toepassen van het Tarakhel-arrest.
Verweerder hoefde daarom geen gebruik te maken van de bevoegdheid om de asielaanvraag onverplicht aan zich te trekken. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet-inhoudelijk behandelen van de asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Italië wordt ongegrond verklaard.