ECLI:NL:RBDHA:2019:3911
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiser, van Gambiaanse nationaliteit, diende op 16 november 2018 een asielaanvraag in Nederland in. Uit Eurodac bleek dat hij op 12 augustus 2016 al een asielverzoek in Italië had gedaan. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid besloot de aanvraag niet in behandeling te nemen omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublinverordening.
De rechtbank overwoog dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt, waarbij Nederland ervan uit mag gaan dat Italië zijn internationale verplichtingen nakomt. Jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dat ondanks recente wijzigingen in het Italiaanse opvangbeleid, er geen sprake is van een reëel risico op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro.
Verder werd geoordeeld dat het gebruik van een niet-registertolk Mandingo geen schending van de motiveringseis van de Wbtv oplevert, omdat geen registertolk beschikbaar was en eiser geen aantoonbare nadelen ondervond. Ook is geen reden om het verzoek om behandeling in Nederland te honoreren, omdat eiser geen bijzondere omstandigheden heeft aangevoerd.
Het beroep is daarom ongegrond verklaard en er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.