ECLI:NL:RBDHA:2019:3928
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling rechtsgeldigheid Syrisch sharia-huwelijk voor mvv nareis echtgenote
Eiseres, van Syrische nationaliteit, is gehuwd met referent via een traditioneel sharia-huwelijk in Syrië in 2012, dat in 2017 door een sharia-rechtbank is bekrachtigd met terugwerkende kracht tot 2012. Referent kreeg in 2017 een verblijfsvergunning asiel in Nederland en diende een mvv-aanvraag in voor eiseres als nareizende echtgenote.
De Staatssecretaris wees de aanvraag af omdat volgens hem het huwelijk ten tijde van de inreis van referent niet rechtsgeldig was. De rechtbank oordeelt dat op grond van artikel 10:31 BW Pro en het Thematisch ambtsbericht Syrië het huwelijk vanaf 2012 als rechtsgeldig moet worden beschouwd, omdat de sharia-rechtbank die datum als officiële huwelijksdatum aanmerkt.
De rechtbank verwerpt het verweer van de Staatssecretaris dat geen terugwerkende kracht kan worden toegekend en dat het huwelijk niet in de Syrische burgerlijke stand was geregistreerd. De overgelegde documenten en toelichting van de tolk maken het vermoeden van rechtsgeldigheid aannemelijk.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en draagt de Staatssecretaris op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt het betaalde griffierecht en proceskosten aan eiseres vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd vanwege de rechtsgeldigheid van het huwelijk vanaf 2012.