Eiseres, met de Syrische nationaliteit, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor nareis van haar echtgenoot, de referent, die een asielvergunning heeft. Verweerder wees de aanvraag af omdat hij het huwelijk niet aannemelijk achtte en sprak van een schijnhuwelijk. Dit was gebaseerd op tegenstrijdigheden in documenten en verklaringen, waaronder een ongehuwdverklaring en het ontbreken van een huwelijksakte.
Eiseres stelde dat het huwelijk rechtsgeldig is, bekrachtigd door een shariarechtbank, en dat de tegenstrijdigheden verklaard kunnen worden door omstandigheden zoals militaire dienstplicht en vertaalfouten. De rechtbank volgde eiseres en stelde dat de bekrachtiging door de shariarechtbank en de inschrijving in de Syrische burgerlijke stand de rechtsgeldigheid van het huwelijk bevestigen.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit onvoldoende gemotiveerd was en dat het beroep gegrond is. Het besluit werd vernietigd en verweerder werd opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Daarnaast werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht.