ECLI:NL:RBDHA:2019:5764
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning AOW-uitkering naar gehuwdennorm bij niet-duurzaam gescheiden leven
Eiseres heeft een AOW-pensioen aangevraagd en daarbij aangegeven duurzaam gescheiden te leven van haar echtgenoot. Verweerder kende haar echter een AOW-uitkering toe volgens de gehuwdennorm vanwege een vermeende financiële verstrengeling. Eiseres voerde aan dat zij en haar echtgenoot een eigen leven leiden en slechts beperkt contact hebben, met gezamenlijke onroerende goederen als enige financiële band.
De rechtbank overwoog dat duurzaam gescheiden leven inhoudt dat echtgenoten elk een eigen leven leiden alsof zij niet gehuwd zijn, en dat dit bestendig moet zijn. Uit het dossier bleek dat eiseres en haar echtgenoot gezamenlijk onroerend goed bezitten en de huuropbrengsten gezamenlijk benutten. Dit duidt op een zekere mate van onderlinge zorg en financiële verwevenheid.
De rechtbank oordeelde dat deze financiële verstrengeling betekent dat niet kan worden gesproken van duurzaam gescheiden leven. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel werd verworpen wegens gebrek aan concrete voorbeelden. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde het besluit om de AOW-uitkering toe te kennen naar de gehuwdennorm.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de AOW-uitkering wordt toegekend naar de gehuwdennorm.