Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
- één van de drie mannen loopt terug en kijkt achterom;
- een halve minuut later verschijnen de twee andere mannen in beeld, zij duwen de kluis over het [Adres] in de richting van de [Adres] ;
- de twee mannen laten de kluis achter en lopen door richting de [Adres] ;
- anderhalve minuut later stopt er een [Auto] met donkere velgen op de [Adres] , twee personen stappen uit en lopen naar de kluis;
- de bestuurder rijdt de [Auto] achteruit het [Adres] op;
- de drie mannen tillen de kluis in de kofferbak van de [Auto] ;
- één van de mannen rent weg over het [Adres] in de richting van de [Adres] ;
- de twee andere mannen stappen in de [Auto] en rijden weg over de [Adres] richting de [Adres] .
ietoebehoorde
naan [Slachtoffer 2]
, hebbenweggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, bij en tot het plegen van welk misdrijf verdachte op 07 december 2018 te 's-Gravenhage opzettelijk behulpzaam is geweest en opzettelijk gelegenheid
en eenmiddel heeft verschaft, door op de uitkijk te staan en de omgeving in te gaten te houden en die [Medeverdachte 1] en [Medeverdachte 2] met de auto naar de plaats van het misdrijf te brengen en de vluchtauto voor die [Medeverdachte 1] en [Medeverdachte 2] gereed te houden.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De vordering van de benadeelde partij/de schadevergoedingsmaatregel
8.De inbeslaggenomen goederen
9.De toepasselijke wetsartikelen
10.De beslissing
10 (tien) maanden;
12 (twaalf) maanden;
[Slachtoffer 1]gedeeltelijk toe en veroordeelt de verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 2.108,75, (bestaande uit € 608,75 materiële schade en € 1.500,00 immateriële schade), vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf 7 december 2018 tot aan de dag waarop deze vordering is voldaan;
[Slachtoffer 1]ten aanzien van de overige gevorderde immateriële schade niet-ontvankelijk is in de vordering en dat de benadeelde partij de vordering in zoverre slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;
[Slachtoffer 1];