ECLI:NL:RBDHA:2019:7271
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens ontbreken beëdigde tolk
De zaak betreft een beroep tegen het besluit van 14 mei 2019 waarbij de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling werd genomen omdat Italië verantwoordelijk werd geacht voor de behandeling van de aanvraag.
Tijdens het aanmeldgehoor Dublin is geen beëdigde tolk ingezet, hetgeen in strijd is met artikel 28 van Pro de Wet beëdigde tolken en vertalers (Wbtv). De rechtbank gaf verweerder de gelegenheid om dit gebrek te herstellen door een aanvullende motivering te geven.
Verweerder lichtte toe dat er geen beëdigde tolk beschikbaar was die bereid was te tolken in de benodigde taal en omstandigheden, wat eiser niet betwistte. De rechtbank oordeelde dat deze aanvullende motivering voldoende was om het gebrek te herstellen.
Hoewel het besluit werd vernietigd wegens het aanvankelijke gebrek, liet de rechtbank de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat het gebruik van een niet-beëdigde tolk in dit geval terecht was. Verweerder werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.