Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
22 april 2017
en/of Emmenen/of (elders) in Nederland,
22 april 2017
het misbruik maken van het uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht, te weten het (grote) leeftijdsverschil tussen verdachte en die [Slachtoffer] en/of het feit dat verdachte een (aangetrouwd) familielid en/of huisvriend was en/ofhet aanbieden van (een) geldbedrag(en),
3.Bewijsoverwegingen
medeonder invloed daarvan is overgegaan tot het plegen of dulden van ontuchtige handelingen (vergelijk Hoge Raad 26 juni 2018 ECLI:NL:HR: 2018:1013). De rechtbank acht dit voldoende aannemelijk geworden. Niet alleen [Slachtoffer] heeft immers verklaard dat zij seks met de verdachte had omdat zij geld nodig had en ook dat zij het maar liet gebeuren, omdat zij niet in de problemen wilde komen, [10] de verdachte heeft ook zelf verklaard dat hij in ruil voor geld seks met [Slachtoffer] had.
22 april 2017tot en met 27 mei 2018 te De Lier
en Emmen, telkens met [Slachtoffer] , geboren op [Datum] , die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [Slachtoffer] , te weten het meermalen brengen van en heen en weer bewegen van zijn penis in de vagina van die [Slachtoffer] ;
22 april 2017tot en met 30 november 2018 te De Lier, telkens door giften of beloften van geld en/of misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht, te weten
het (grote) leeftijdsverschil tussen verdachte en die [Slachtoffer] en het feit dat verdachte een aangetrouwd familielid was enhet aanbieden van geldbedragen, [Slachtoffer] , geboren op [Datum] , van wie hij, verdachte, wist dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, opzettelijk heeft bewogen ontuchtige handelingen, te weten het brengen van en heen en weer bewegen van zijn penis in de vagina van die [Slachtoffer] , van verdachte te dulden;
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De vordering van de benadeelde partij
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
18 (ACHTTIEN) MAANDEN;
6 (ZES) MAANDEN, niet zal worden tenuitvoergelegdonder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde:
drie jarenvastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
€ 5.283,41, vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf 22 april 2017 tot aan de dag van de algehele voldoening, ten behoeve van [Slachtoffer] ;