ECLI:NL:RBDHA:2020:10377
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen afwijzing functieverlenging defensiemedewerker
Eiseres, werkzaam als Staff Assistant bij Defensie in Norfolk, VS, verzocht om verlenging van haar functie van drie naar vier jaar. Verweerder, de staatssecretaris van Defensie, wees dit verzoek af en verklaarde het bezwaar ongegrond. Eiseres stelde beroep in tegen dit besluit.
De rechtbank oordeelde dat eiseres geen procesbelang had bij haar beroep omdat zij aanvankelijk nadrukkelijk aangaf niet terug te willen naar de functie waarvoor zij verlenging had gevraagd. Bovendien was de functie inmiddels ingevuld en zou de gevraagde verlenging per augustus 2020 zijn verstreken, waardoor het doel van het beroep niet meer bereikt kon worden.
De rechtbank nam ook mee dat het organisatiebelang en het gelijkheidsbeginsel een rol speelden in de afwijzing, en dat het persoonlijk belang van eiseres niet doorslaggevend was. De rechtbank wees erop dat het eerherstel dat eiseres nastreefde niet via deze procedure kan worden verkregen, maar via een klachtprocedure.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de functieverlenging is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.