Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
of omstreeks02 april 2017 te 's-Gravenhage
, in elk geval in Nederland,als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig (auto), daarmede rijdende over de weg,
([naam weg 1]
), zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden door roekeloos,
in elk geval zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig en/of onoplettend,als volgt te handelen:
/ofdrugs had genuttigd en
/ofgebruikt en
/of (vervolgens)
/ofwas onvoldoende remvloeistof in het reservoir aanwezig en
/of (vervolgens)
/ofverkeersveiligheid ter plaatse
(veel
)te hoge snelheid en
/of (vervolgens)
(veel
)te hoge snelheid de kruising van [naam weg 1] met de [naam weg 2] is genaderd en
/ofopgereden en
/of (daarbij
)een voor zijn rijrichting bestemd rood licht uitstralend verkeerslicht heeft genegeerd dat tenminste 5 seconden rood licht uitstraalde en
/of (vervolgens)
(genaamd [slachtoffer]
)
/ofdiverse kneuzingen en
/ofrug- en
/ofknieklachten en
/ofPostcommotioneel Syndroom,
of zodanig lichamelijk letselwerd toegebracht
, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan,terwijl hij verkeerde in de toestand als bedoeld in artikel 8, eerste
of tweedelid van de Wegenverkeerswet 1994;
of omstreeks02 april 2017 te 's-Gravenhage als degene tegen wie verdenking was gerezen als bestuurder van een voertuig (auto) te hebben gehandeld in strijd met artikel 8 van Pro de Wegenverkeerswet 1994, terwijl het vermoeden bestond dat hij onder invloed van een andere in artikel 8, eerste lid van genoemde wet bedoelde stof dan alcoholhoudende drank verkeerde, nadat hij de door een opsporingsambtenaar aan hem gevraagde toestemming tot het verrichten van een bloedonderzoek, als bedoeld in artikel 8, tweede lid, aanhef en onder b van genoemde wet, niet had verleend, geen gevolg heeft gegeven aan een aan hem gegeven bevel van een hulpofficier van justitie of een daartoe bij regeling van de Minister van Justitie aangewezen ambtenaar van politie, zich aan dat bloedonderzoek te onderwerpen en/of geen medewerking daaraan heeft verleend;
/aan[naam weg 1] , op
of omstreeks02 april 2017 de
(voornoemde
)plaats van vorenbedoeld ongeval heeft verlaten, terwijl bij dat ongeval, naar hij wist
of redelijkerwijs moest vermoeden,aan een ander (te weten [slachtoffer] ) letsel en/of schade was toegebracht.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde en van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De toepasselijke wetsartikelen
8.De beslissing
ontzegging van de bevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigen voor 5 (vijf) jaren;
Op zondag 2 april 2017, omstreeks 09:15 uur, bevond ik mij samen met mijn man en zoontje, in ons voertuig. Wij stonden stil op de [naam weg 1] in Den Haag.