ECLI:NL:RBDHA:2020:2399
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag verblijfsvergunning regulier voor medische behandeling wegens ontbreken geldige mvv en onvoldoende medische informatie
Eiseres, een Marokkaanse vrouw geboren in 1964, diende op 2 januari 2018 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met het doel medische behandeling. Verweerder wees de aanvraag af omdat eiseres niet beschikte over een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) en niet voldeed aan de voorwaarden voor vrijstelling van het mvv-vereiste. Daarnaast had zij onvoldoende medische informatie verstrekt en geen toestemming gegeven voor het opvragen van medisch advies bij het Bureau Medische Advisering (BMA).
Eiseres stelde dat zij aan alle vereisten had voldaan en beriep zich op artikel 8 EVRM Pro en artikel 7 Handvest Pro EU-rechten om met haar gezin in Nederland te mogen verblijven. De rechtbank oordeelde dat verweerder het besluit zorgvuldig had gemotiveerd en dat eiseres onvoldoende had onderbouwd waarom het besluit onrechtmatig zou zijn. Het ontbreken van een geldige mvv en het niet kunnen verkrijgen van medisch advies vormden gegronde redenen voor afwijzing.
De rechtbank concludeerde dat de aanvraag terecht was afgewezen op grond van artikel 16 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter A.E. Dutrieux op 24 januari 2020.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar aanvraag verblijfsvergunning regulier voor medische behandeling is ongegrond verklaard.