ECLI:NL:RBDHA:2020:2411
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verlenging gecombineerde vergunning verblijf en arbeid wegens niet-naleving arbeidsvoorwaarden
Eiser, een Chinese nationaliteit houdende specialiteitenkok, vroeg verlenging van zijn gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid (GVVA) voor de functie van specialiteitenkok Chinese keuken. De aanvraag werd afgewezen omdat de werkgever niet het toegezegde marktconforme salaris had betaald gedurende de periode van tewerkstelling. Het bezwaar werd ongegrond verklaard.
Eiser stelde dat tekortkomingen van zijn werkgever en voormalig gemachtigde niet aan hem toegerekend konden worden en dat zijn nieuwe aanvraag wel was goedgekeurd. Tevens voerde hij aan dat hij niet gehoord was en dat onvoldoende rekening was gehouden met de belangen van de werkgever.
De rechtbank oordeelde dat de aanvraag getoetst moest worden aan de wettelijke bepalingen zonder ruimte voor belangenafweging. Het negatieve arbeidsmarktadvies van het UWV was terecht en de schending van de hoorplicht was niet aannemelijk omdat op voorhand geen twijfel bestond dat het bezwaar zou leiden tot een ander besluit.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter A.E. Dutrieux op 30 januari 2020.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verlenging van de GVVA wordt ongegrond verklaard.