ECLI:NL:RBDHA:2020:3398

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
15 april 2020
Publicatiedatum
14 april 2020
Zaaknummer
NL20.6112 en NL20.6114
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 62 VwArt. 64 VwVreemdelingenwet 2000
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing beroep tegen weigering uitstel vertrek op medische gronden bij asielaanvraag

Eisers, Albanese staatsburgers, dienden op 19 februari 2020 asielaanvragen in die door verweerder op 3 maart 2020 als kennelijk ongegrond werden afgewezen. Verweerder stelde dat Albanië een veilig land van herkomst is en dat geen medische gronden voor uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vreemdelingenwet Pro 2000 (Vw) waren aangetoond.

Eisers voerden aan dat zij geen recente medische stukken konden overleggen vanwege beperkte toegang tot medische zorg door de uitbraak van het Coronavirus en dat het opleggen van een vertrekplicht niet redelijk is gezien de pandemie. De rechtbank constateerde echter dat eisers geen medische informatie hadden aangeleverd die een belemmering voor uitzetting zou vormen.

De rechtbank oordeelde dat het ontbreken van medische stukken ertoe leidt dat verweerder terecht geen toepassing gaf aan artikel 64 Vw Pro. Tevens werd erkend dat in de huidige omstandigheden geen uitzetting plaatsvindt en dat eisers vrij zijn om bij het verkrijgen van medische stukken alsnog een verzoek om uitstel in te dienen.

De rechtbank concludeerde dat het onthouden van een vertrektermijn conform het beleid op grond van artikel 62 Vw Pro is en dat de onmiddellijke vertrekplicht naar Albanië gehandhaafd blijft. De beroepen werden ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: De beroepen tegen de weigering van uitstel van vertrek op medische gronden worden ongegrond verklaard en de onmiddellijke vertrekplicht naar Albanië blijft gehandhaafd.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummers: NL20.6112 en NL20.6114
V-nummers: [V-nummer] , [V-nummer] , [V-nummer] , [V-nummer] en [V-nummer]

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen

[naam] en [naam] ,

mede namens
[naam],
[naam]en
[naam]
gezamenlijk genoemd: eisers
(gemachtigde: mr. P.H. Hillen),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. A. Wildeboer).

ProcesverloopBij besluiten van 3 maart 2020 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van eisers afgewezen als kennelijk ongegrond.

Eisers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
Met toestemming van partijen is het onderzoek op zitting achterwege gebleven.

Overwegingen

1. Eisers stellen de Albanese nationaliteit te bezitten en te zijn geboren op [geboortedatum] , [geboortedatum] , [geboortedatum] , [geboortedatum] en [geboortedatum] . Op 19 februari 2020 hebben zij een asielaanvraag ingediend.
2. Verweerder heeft deze asielaanvragen afgewezen als kennelijk ongegrond, omdat Albanië als veilig land van herkomst wordt aangemerkt en niet is gebleken dat dit voor eisers niet het geval is. Gelet hierop heeft verweerder bepaald dat op eisers een onmiddellijke vertrekplicht rust. Daarnaast ziet verweerder geen aanleiding eisers met toepassing van artikel 64 van Pro de Vw [1] uitstel van vertrek te verlenen om medische redenen.
3. In beroep komen eisers enkel op tegen de weigering om toepassing te geven aan artikel 64 van Pro de Vw. Eisers hebben aangevoerd dat zij over de medische situatie van [naam] geen medische stukken kunnen overleggen doordat de medische zorg beperkt toegankelijk is vanwege de uitbraak van het Coronavirus. Daarnaast stellen eisers zich op het standpunt dat het opleggen van de vertrekplicht aan hen niet redelijk is in verband met de huidige maatregelen rondom het Coronavirus. Het is voor eisers nu niet mogelijk om naar Albanië terug te keren.
4. De rechtbank stelt vast dat eisers tot op heden geen recente medische stukken over de gezondheidssituatie van [naam] hebben overgelegd. Gelet hierop heeft verweerder niet kunnen vaststellen dat die gezondheidssituatie zich verzet tegen uitzetting, zodat verweerder geen toepassing heeft hoeven geven aan artikel 64 van Pro de Vw. Dat eisers door de uitbraak van het Coronavirus niet in staat zijn om medische stukken op te vragen, maakt het vorenstaande niet anders. Daarbij geldt dat in deze omstandigheden geen uitzetting plaatsvindt. Zoals verweerder ook in zijn verweerschrift heeft opgemerkt, staat het eisers vrij om zodra zij in het bezit zijn van recente medische stukken een verzoek om uitstel van vertrek om medische redenen in te dienen.
5. Het onthouden van een vertrektermijn aan eisers is in overeenstemming met het beleid van verweerder op grond van artikel 62 van Pro de Vw. Verweerder heeft terecht opgemerkt dat het tijdelijk beletsel voor gedwongen verwijdering dan wel vrijwillig vertrek niet afdoet aan de juistheid en rechtmatigheid van de bestreden besluiten. Verweerder mag dan ook van eisers verwachten dat zij onmiddellijk naar Albanië vertrekken zodra dat mogelijk is.
6. De beroepen zijn ongegrond.
7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.F.I. Sinack, rechter, in aanwezigheid van
mr. M. van Andel, griffier.
Deze uitspraak is in het openbaar gedaan en bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking.

Voetnoten

1.Vreemdelingenwet 2000.