Verzoekers zijn op 19 februari 2020 in beroep gegaan tegen het niet tijdig beslissen op hun aanvragen door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Op 27 februari 2020 heeft de Staatssecretaris alsnog besluiten genomen. Verzoekers trokken daarop hun beroepen in en verzochten de rechtbank om de proceskosten toe te kennen.
De rechtbank oordeelt dat verzoekers recht hebben op vergoeding van proceskosten omdat de besluiten pas na het instellen van beroep zijn genomen. Omdat verzoekers een professionele juridische hulpverlener hebben ingeschakeld, wordt een vast bedrag toegekend, maar vanwege de beperkte inhoud van de zaken en samenhang wordt dit bedrag verminderd tot € 262,50.
De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van dit bedrag aan verzoekers. De uitspraak is gedaan zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen en zal later alsnog openbaar worden uitgesproken.