ECLI:NL:RBDHA:2020:5120
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Intrekking afwijzing bijstandsaanvraag en toewijzing proceskostenveroordeling
Verzoekster diende een verzoek om voorlopige voorziening in tegen de afwijzing van haar bijstandsaanvraag door het college van burgemeester en wethouders van Den Haag. Na indiening van het verzoek trok het college het bestreden besluit in, beoordeelde de aanvraag opnieuw en verstrekte een voorschot.
Hierdoor trok verzoekster haar verzoek om voorlopige voorziening in, maar vroeg wel om veroordeling van het college in de proceskosten. Het college betoogde dat dit onredelijk was omdat de aanvraag nog in behandeling was en voorschotten werden verstrekt.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het college met de intrekking en herbeoordeling aan verzoekster was tegemoetgekomen en daarom de proceskostenveroordeling toekwam. De proceskosten werden vastgesteld op €525,- en het griffierecht van €48,- werd eveneens aan verzoekster vergoed.
De uitspraak werd gedaan zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen en er is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht na intrekking van het afwijzingsbesluit en herbeoordeling van de bijstandsaanvraag.