ECLI:NL:RBDHA:2020:5128
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting afgewezen
Eiser ontving vanaf 14 december 2017 een bijstandsuitkering. Na een verhuismelding vroeg de gemeente Den Haag meerdere malen om aanvullende informatie, waaronder over een woning in Frankrijk. Omdat eiser niet alle gevraagde gegevens aanleverde, werd zijn bijstandsuitkering per 1 januari 2019 tijdelijk stopgezet en later beëindigd. De gemeente herzag de uitkering en vorderde €12.156,31 terug.
Eiser maakte bezwaar en stelde dat hij vanwege ernstige tinnitus niet kon werken en dat daarmee dringende redenen bestonden om af te zien van terugvordering. De rechtbank oordeelde dat eiser deze dringende redenen niet aannemelijk had gemaakt, mede omdat hij geen medische stukken overlegd had en de financiële gevolgen pas bij daadwerkelijke invordering relevant zijn. Tevens wees de rechtbank op de bescherming van de beslagvrije voet.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door rechter D.A.J. Overdijk, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen. Tegen de uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de herziening en terugvordering van bijstand is ongegrond verklaard.