Appellante ontvangt sinds 2011 bijstand en kreeg bij besluit van 12 december 2017 een terugvordering opgelegd van €3.596,38 wegens het niet melden van bijschrijvingen en een medebewoner. Het college legde ook een bestuurlijke boete op, die later werd herroepen vanwege dringende redenen, waaronder een ernstige depressie en een suïcidepoging van appellante.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen de terugvordering ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelt anders. De Raad stelt vast dat de suïcidepoging direct verband houdt met de druk van de terugvordering en dat de psychische gevolgen ook bij het bestreden besluit nog aanwezig waren. Het college heeft nagelaten nader onderzoek te doen naar de gevolgen van de terugvordering.
De Raad vernietigt daarom het bestreden besluit voor zover het de terugvordering betreft en ziet geheel af van de terugvordering. Tevens veroordeelt de Raad het college in de kosten van appellante en bepaalt dat het betaalde griffierecht wordt vergoed.