ECLI:NL:RBDHA:2020:6502
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaarschrift wegens te late indiening bij oplegging Educatieve Maatregel Gedrag en verkeer
Eiser ontving op 18 februari 2020 een besluit tot oplegging van een Educatieve Maatregel Gedrag en verkeer (EMG). Hij diende op 30 april 2020 een bezwaarschrift in, maar dit was te laat volgens de wettelijke termijn van zes weken. Verweerder verklaarde het bezwaar daarom niet-ontvankelijk. Eiser stelde dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was vanwege een onjuiste feitcode die pas later werd gecorrigeerd, maar de rechtbank oordeelde dat dit geen geldige reden was.
De rechtbank overwoog dat eiser pro-forma bezwaar had kunnen indienen om tijdig bezwaar te maken, en dat het niet indienen hiervan voor zijn rekening en risico komt. De inhoudelijke gronden van het beroep behoefden geen bespreking meer omdat het bezwaar niet-ontvankelijk was. Het verzoek om voorlopige voorziening werd eveneens afgewezen.
De uitspraak werd gedaan door de voorzieningenrechter op 14 juli 2020 na een Skype-zitting. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid van het bezwaarschrift wegens te late indiening.