ECLI:NL:RBDHA:2020:6830
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning IVA-uitkering wegens duurzame volledige arbeidsongeschiktheid
Belanghebbende, voormalig magazijnmedewerker, kreeg een WIA-uitkering toegekend wegens psychische klachten en werd herbeoordeeld op verzoek van eiseres en belanghebbende zelf. Diverse verzekeringsartsen en een onafhankelijke deskundige onderzochten de mate en duurzaamheid van de arbeidsongeschiktheid. De deskundige concludeerde dat de beperkingen duurzaam waren, ondanks het standpunt van het UWV dat herstel mogelijk was met medicatie.
De rechtbank stelde vast dat de deskundige zorgvuldig onderzoek had verricht en dat diens oordeel doorslaggevend was. De medische gegevens toonden aan dat de behandelmogelijkheden beperkt waren en dat betaald werk voorlopig niet mogelijk was. De rechtbank oordeelde dat de arbeidsongeschiktheid duurzaam was in de zin van de Wet WIA, waardoor belanghebbende recht heeft op een IVA-uitkering vanaf 3 oktober 2017.
Het bestreden besluit van het UWV werd vernietigd en het primaire besluit herroepen. De rechtbank veroordeelde het UWV tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak werd gedaan door rechter R.H. Smits en griffier S.J.W. Stort op 23 juli 2020.
Uitkomst: Belanghebbende heeft vanaf 3 oktober 2017 recht op een IVA-uitkering wegens duurzame volledige arbeidsongeschiktheid.