ECLI:NL:RBDHA:2020:7002
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening en coronamaatregelen
De zaak betreft een beroep tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om de asielaanvraag van eiser niet in behandeling te nemen op grond van artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, waarbij verwezen wordt naar de Dublinverordening die Frankrijk als verantwoordelijke lidstaat aanwijst.
Eiser stelt dat vanwege de coronamaatregelen in Frankrijk het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet meer geldt en dat de asielaanvraag daarom aan Nederland had moeten worden toegekend op grond van artikel 17 van Pro de Dublinverordening. Tevens voert eiser aan dat het niet in behandeling nemen van de aanvraag hem het recht op een eerlijk proces ontneemt.
De rechtbank oordeelt dat verweerder mag uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat Frankrijk zijn internationale verplichtingen niet nakomt. Er is geen sprake van bijzondere, individuele omstandigheden die een onevenredige hardheid rechtvaardigen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.