ECLI:NL:RBDHA:2020:7324
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroepen tegen niet-ontvankelijkverklaring asielaanvragen op grond van Eurodac-registratie afgewezen
Eisers hebben beroep ingesteld tegen besluiten van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin hun asielaanvragen niet-ontvankelijk werden verklaard op grond van Eurodac-gegevens die aantonen dat zij reeds internationale bescherming in Denemarken genieten sinds 2016.
De rechtbank oordeelt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ertoe leidt dat de registratie in Eurodac als zorgvuldig wordt beschouwd, tenzij de vreemdeling aannemelijk maakt dat de gegevens onjuist zijn. Eisers slaagden hier niet in, ondanks verwijzingen naar gewijzigde verblijfsstatussen van hun moeder en gewijzigde Deense asielpraktijken.
Daarnaast faalden hun bezwaren over indirect refoulement, vermeende achterstelling in Denemarken en gezondheidsrisico’s door COVID-19. De rechtbank achtte de motivering van de staatssecretaris voldoende en vond dat eisers onvoldoende inspanningen hadden verricht om hun rechten in Denemarken te effectueren.
De beroepen zijn daarom ongegrond verklaard en er is geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De beroepen tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvragen zijn ongegrond verklaard.