Uitspraak
Rechtbank DEN Haag
[verzoekster] , te [woonplaats] , verzoekster
de minister van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
- De dienstopdracht van 23 oktober 2018 om mee te werken aan het onderzoek in het kader van het deskundigenoordeel van het UWV. Op 15 november 2018 heeft het UWV aan verweerder gemeld niet tot een oordeel te kunnen komen, omdat verzoekster heeft aangegeven niet te willen komen voor het onderzoek.
- De brief van 27 juni 2019 van verweerder, waarin verweerder verzoekster de opdracht heeft gegeven na haar geplande vakantie psychologische dan wel psychiatrische expertise te zoeken om vast te stellen of zij al dan niet psychische hulp nodig heeft. Op 12 augustus 2019 heeft verweerder verzoekster een formele dienstopdracht hiertoe gegeven. Uit de terugkoppeling van de bedrijfsarts van het spreekuurcontact op 19 augustus 2019 blijkt dat verzoekster heeft afgezien van hulpverlening en geen behoefte had aan een second opinion van een onafhankelijke bedrijfsarts.
- De terugkoppeling van de bedrijfsarts van het spreekuurcontact op 2 september 2019 waaruit blijkt dat de bedrijfsarts verzoekster nog steeds arbeidsongeschikt achtte, maar verzoekster aan het werk wilde. Verzoekster heeft daarbij aangegeven dat zij afzag van behandeling, een second opinion of een deskundigenoordeel. Bij besluit van 12 september 2019 is de bezoldiging van verzoekster stopgezet, omdat zij niet heeft voldaan aan de dienstopdracht van 12 augustus 2019.
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.