Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Servische nationaliteit, werd op 16 mei 2020 de toegang tot Nederland geweigerd en een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser had Nederland op 14 mei 2020 verlaten, maar werd in Bulgarije geweigerd en teruggestuurd naar Nederland. Hij stelde dat de bewaring buitenproportioneel was en dat hij onterecht van zijn vrijheid was beroofd van 16 tot 31 mei 2020.
Verweerder stelde dat de maatregel rechtmatig was vanwege het toegangsverbod en het risico op onttrekking aan toezicht. Verweerder had op 19 mei 2020 een vlucht aangevraagd, maar de eerst beschikbare vlucht was pas op 11 juni 2020. Eiser vertrok uiteindelijk eerder met hulp van familie en diplomatieke vertegenwoordiging.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht de toegang had geweigerd en dat de bewaring niet buitenproportioneel was. Het feit dat eiser eerder vertrok dan de door verweerder geregelde vlucht betekent niet dat verweerder onvoldoende voortvarend handelde. Het beroep en het verzoek om schadevergoeding werden ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep en het verzoek om schadevergoeding worden afgewezen omdat de vrijheidsontnemende maatregel rechtmatig was en verweerder voldoende voortvarend handelde.