Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
ProcesverloopBij besluit van 1 mei 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen als kennelijk ongegrond.
Overwegingen
ex nuncheeft beoordeeld. Eisers stelling dat het op de weg van verweerder lag om ook nog na de tweede rechterlijke uitspraak in deze asielprocedure op zoek te gaan naar eventuele nieuwe omstandigheden, verhoudt zich niet met het uitgangspunt van artikel 4 van Pro de Kwalificatierichtlijn dat het in de eerste plaats op de weg van de vreemdeling ligt om asielmotieven naar voren te brengen. Overigens is niet gebleken dat verweerder gestelde (nieuwe) asielmotieven van eiser in het bestreden besluit onbesproken heeft gelaten. Gelet daarop komt de door eiser aangehaalde Bahaddar-exceptie van artikel 83.0a van de Vw niet in beeld.
equality of arms. Verweerder heeft immers de gebruikte informatie weergegeven in het nieuwe voornemen van 2 maart 2020 en gebleken is dat daarop in de zienswijze en in beroep inhoudelijk is gereageerd. De rechtbank volgt eiser evenmin in de stelling dat verweerder in strijd heeft gehandeld met de Verordening (EU) 2016/679 (Algemene verordening gegevensbescherming, AVG). Met het weergeven van de inhoud van een asielrelaas is niet bij voorbaat sprake van verwerking van persoonsgegevens zoals bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de AVG. Overigens mag verweerder op grond van artikel 6, eerste lid, aanhef en onder e, van de AVG, gelezen in samenhang met artikel 107, tweede lid, van de Vw, tot verwerking van persoonsgegevens overgaan voor zover dat noodzakelijk is om de aan hem opgedragen taak te vervullen. Die taak omvat het uitvoeren van het Nederlandse migratiebeleid, waaronder ook het opnieuw beslissen op eisers asielaanvraag kan worden geschaard. De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat het gaat om een beperkt gedeelte van het verblijfsrechtelijke dossier van eisers vader en om bekendmaking daarvan aan een zeer beperkt aantal derden, te weten eiser en zijn gemachtigde.
iPsyvan 2 september 2016 onvoldoende onderbouwd, nu daaruit niet kan worden afgeleid dat eiser daadwerkelijk psychische klachten heeft (gehad).