ECLI:NL:RBDHA:2020:8825
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak Soedanese verzoeker
Verzoeker, van Soedanese nationaliteit, heeft een aanvraag gedaan voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft deze aanvraag op 1 juli 2020 niet-ontvankelijk verklaard. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag.
Tegelijk met de behandeling van een gerelateerde zaak (NL20.13332) vond op 31 augustus 2020 de zitting plaats. Verzoeker was hierbij aanwezig en werd bijgestaan door een gemachtigde. De voorzieningenrechter overwoog dat gezien de uitspraak op het beroep in de gerelateerde zaak, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter A.E. Dutrieux en griffier J.F.A. Bleichrodt op 9 september 2020. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak is behandeld.