Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
Stichting Zorgpartners Midden-Holland,
Rechtbank Den Haag
De arbeidsovereenkomst tussen Stichting Zorgpartners Midden-Holland en de werknemer is ontbonden op de h-grond, omdat de werknemer het wettelijk voorgeschreven diploma voor zijn functie niet meer kan behalen nadat zijn onderwijsovereenkomst is beëindigd.
De werkgever had aanvankelijk ook ontbinding op de e-grond gevraagd, maar heeft dit verzoek ingetrokken. De werknemer stelde dat de werkgever ten onrechte een loonstop had afgekondigd en dat het loon vanaf 5 september tot en met 23 september 2019 en vanaf 20 januari 2020 betaald moet worden. De kantonrechter oordeelde dat de loonstop onterecht was en veroordeelde de werkgever tot betaling van het loon vanaf 20 januari 2020 tot de ontbindingsdatum, vermeerderd met wettelijke verhoging.
De werknemer had aangegeven bezig te zijn met het verkrijgen van een verklaring dat hij zijn opleiding volgend jaar kan afronden, maar de kantonrechter vond dit onvoldoende om ontbinding op de h-grond te weigeren. De arbeidsovereenkomst is ontbonden per 1 oktober 2020 en de transitievergoeding van € 1.802,08 is toegekend.
De proceskosten in de procedure van de werkgever worden gecompenseerd, waarbij iedere partij zijn eigen kosten draagt. De werkgever wordt veroordeeld in de kosten van de procedure van de werknemer, vastgesteld op € 480 voor salaris gemachtigde.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 oktober 2020 met toekenning van transitievergoeding en betaling van achterstallig loon.