ECLI:NL:RBDHA:2020:9402
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens motiveringsgebrek nationaliteit
Eiser, een Nigeriaanse asielzoeker, werd door verweerder afgewezen in zijn aanvraag verblijfsvergunning asiel omdat zijn identiteit en nationaliteit niet geloofwaardig werden geacht. Verweerder baseerde dit op het ontbreken van identificerende documenten en tegenstrijdigheden in de opgegeven persoonsgegevens in verschillende Europese landen.
Eiser stelde dat hij zijn nationaliteit wel aannemelijk had gemaakt via een taalanalyse en dat hij onder druk van mensenhandelaren in andere landen onjuiste gegevens had verstrekt. De rechtbank oordeelde dat het krantenartikel dat eiser overlegde niet als identificerend document kon dienen en dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij in bewijsnood verkeerde ten aanzien van een geboorteakte.
Desondanks achtte de rechtbank de taalanalyse voldoende om de Nigeriaanse nationaliteit aannemelijk te maken, waardoor het bestreden besluit een motiveringsgebrek bevatte. De rechtbank vernietigde het besluit, maar liet de rechtsgevolgen in stand omdat eiser zijn identiteit onvoldoende aannemelijk had gemaakt en het beroep terecht als kennelijk ongegrond was afgewezen. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens motiveringsgebrek, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.