ECLI:NL:RBDHA:2020:9533
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar naheffingsaanslag omzetbelasting wegens termijnoverschrijding
De zaak betreft een bezwaar en beroep tegen een naheffingsaanslag omzetbelasting over het eerste kwartaal van 2014. De inspecteur heeft het bezwaar van eiseres niet-ontvankelijk verklaard vanwege overschrijding van de wettelijke termijn van zes weken voor het indienen van bezwaar.
Eiseres stelde dat het beroep terecht was ingesteld en dat het bezwaar niet onontvankelijk verklaard had mogen worden. Verweerder voerde aan dat het beroep door een onbevoegde persoon was ingesteld en dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk was verklaard wegens termijnoverschrijding.
De rechtbank oordeelde dat het beroep wel degelijk door een bevoegde gemachtigde was ingesteld en dat er geen sprake was van een onbevoegd beroep. Vervolgens werd vastgesteld dat het bezwaar te laat was ingediend en dat er geen verschoonbare reden was voor de overschrijding. Daarom werd het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard en het beroep ongegrond.
De rechtbank heeft de inhoudelijke gronden van het bezwaar niet beoordeeld en er is geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door rechter D.M. Drok op 28 september 2020.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de naheffingsaanslag omzetbelasting is niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding; het beroep is ongegrond.