ECLI:NL:RBDHA:2020:9600

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
3 augustus 2020
Publicatiedatum
1 oktober 2020
Zaaknummer
NL20.7603
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure Oegandese verzoekster

Verzoekster, van Oegandese nationaliteit, had een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 21 maart 2020 is afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoekster stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.

De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om voorlopige voorziening op 2 juli 2020, samen met het beroep, en vervolgde de behandeling op 11 juli 2020. Op dezelfde dag als deze uitspraak deed de rechtbank uitspraak op het hoofdberoep en verklaarde dit ongegrond, waardoor de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was.

De voorzieningenrechter wees daarom het verzoek om voorlopige voorziening af en zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen en er is geen rechtsmiddel tegen deze uitspraak mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het hoofdberoep eveneens ongegrond is verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Haarlem
Bestuursrecht
zaaknummer: NL20.7603

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoekster] , verzoekster,

V-nummer: [#]
(gemachtigde: mr. A.A. Ubbergen),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. E. de Jong).

ProcesverloopBij besluit van 21 maart 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijdin de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.

Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 2 juli 2020, samen met de behandeling van het beroep met zaaknummer NL20.7602. Verzoekster en verweerder hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigden. De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting geschorst en de zaak op 11 juli 2020 op een nadere zitting hervat. Verzoekster is toen verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde en [naam] als tolk. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1. Verzoekster is van Ugandese nationaliteit en geboren op [geboortedatum] .
2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL20.7602, doet de rechtbank uitspraak op het beroep van verzoekster en verklaart dit ongegrond. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Kraefft, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S.S.O.L. Chung A Hing, griffier.
De uitspraak is gedaan op:
Als gevolg van maatregelen rondom het coronavirus is deze uitspraak niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Zodra het openbaar uitspreken weer mogelijk is, wordt deze uitspraak, voor zover nodig, alsnog in het openbaar uitgesproken.
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.