ECLI:NL:RBDHA:2021:11190
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing asielaanvragen als kennelijk ongegrond wegens twijfel over geloofwaardigheid en documenten
Eisers, allen Armeense nationaliteit, vroegen asiel aan uit vrees voor vervolging na politieke demonstraties waarbij eiser 1 betrokken was. De staatssecretaris wees de aanvragen af als kennelijk ongegrond, onder meer omdat eiser 1 volgens hem niet geloofwaardig was over meerdere aanhoudingen en omdat eisers vermoedelijk documenten hadden achtergehouden.
De rechtbank onderzocht de geloofwaardigheid van de verklaringen van eisers, de individuele ambtsberichten van de minister van Buitenlandse Zaken en een forensisch medisch rapport. De rechtbank oordeelde dat de ambtsberichten betrouwbaar waren en dat de verklaringen van eisers onvoldoende bewijs boden voor de gestelde vervolgingen. Het iMMO-rapport bevestigde psychische problemen, maar dit was niet doorslaggevend.
Wel concludeerde de rechtbank dat er onvoldoende bewijs was dat eisers bewust documenten hadden achtergehouden of vernietigd met kwade opzet. Daarom was het onterecht om de aanvragen als kennelijk ongegrond af te wijzen op die grond.
De rechtbank verklaarde de beroepen gegrond voor zover het ging om de afdoening als kennelijk ongegrond, vernietigde de besluiten, maar liet de rechtsgevolgen van de besluiten in stand omdat geen grond was voor verlening van asiel. Verweerder werd veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eisers.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing als kennelijk ongegrond maar handhaaft de rechtsgevolgen van de besluiten.