Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
De eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin zijn asielaanvraag als kennelijk ongegrond werd afgewezen. Volgens de Algemene wet bestuursrecht (Awb) moet een beroepschrift de gronden van het beroep bevatten. De eiser heeft deze gronden niet in het oorspronkelijke beroepschrift vermeld.
De rechtbank heeft de eiser een hersteltermijn gegeven om alsnog de beroepsgronden in te dienen. Deze termijn is verstreken zonder dat de gronden tijdig zijn ontvangen; de gronden kwamen pas na de termijn binnen. De gemachtigde van eiser gaf aan de notificatie van de rechtbank niet te hebben ontvangen, maar een technisch onderzoek door IVO Rechtspraak toonde aan dat de rechtbank de notificatie correct en tijdig heeft verzonden.
De rechtbank oordeelt dat de niet-ontvankelijkverklaring terecht is, omdat de eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat het niet ontvangen van de notificatie aan de zijde van de rechtbank lag. Het beroep op het arrest Bahaddar van het EHRM faalt wegens gebrek aan concrete onderbouwing. De rechtbank wijst erop dat een nieuwe asielaanvraag mogelijk is indien er een reëel risico op schending van artikel 3 EVRM Pro bestaat. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening van de beroepsgronden.