Uitspraak
Internationale kinderontvoering – voorlopige voogdij
Beschikking in het kader van het op 27 juli 2021 ingekomen verzoek van:
[X]
[Y]
Procedure
- het verzoekschrift;
- de brief van 2 augustus 2021, met bijlagen, van de zijde van de moeder.
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
- de vader, bijgestaan door zijn advocaat en mevrouw [naam tolk] als tolk in de Arabische taal;
- [medewerker RvdK] namens de Raad voor de Kinderbescherming.
Tot nu toe vaststaande feiten
- De vader en de moeder zijn gehuwd geweest van [huwelijksdatum] 2013 tot [datum scheiding] 2017.
- Zij zijn de ouders van het volgende nog minderjarige kind:
- De vader is in oktober 2017 met [minderjarige] uit Egypte vertrokken.
- [minderjarige] is vanaf 6 augustus 2019 in de basisregistratie personen (brp) ingeschreven.
- De vader, de moeder en [minderjarige] hebben de Egyptische nationaliteit.
- Bij uitspraak van 25 juli 2018 van de ‘6th of October Family Court’ heeft de moeder het zorgrecht over [minderjarige] gekregen.
- De moeder heeft zich niet gemeld bij de Nederlandse Centrale Autoriteit.