ECLI:NL:RBDHA:2021:11370
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijk verklaring verzoek scheiding van tafel en bed wegens ontbreken stukken
De rechtbank Den Haag behandelde een gezamenlijk verzoek van partijen tot scheiding van tafel en bed met nevenvoorzieningen. Het verzoekschrift werd op 9 juni 2021 ingediend en de griffie bevestigde de ontvangst op 15 juni 2021, waarbij werd aangegeven welke stukken ontbraken. Verzoekers kregen een termijn van vier weken om alle ontbrekende documenten in één keer aan te leveren, met de waarschuwing dat bij uitblijven van deze stukken zij niet-ontvankelijk zouden worden verklaard, tenzij zij schriftelijk klemmende redenen zouden aanvoeren of een verzoek tot mondelinge behandeling zouden indienen.
Op 25 juni 2021 verzocht de advocaat namens partijen om uitstel tot 1 september 2021 voor het overleggen van de huwelijksakte en geboorteakten. Na deze datum is geen verdere reactie of aanvulling ontvangen van partijen. De rechtbank constateerde dat niet alle gevraagde stukken binnen de gestelde termijn waren overgelegd en dat er geen klemmende redenen of verzoek tot mondelinge behandeling waren ingediend.
Daarom besloot de rechtbank verzoekers niet-ontvankelijk te verklaren in hun verzoek tot scheiding van tafel en bed. De beschikking werd uitgesproken op de openbare zitting van 26 oktober 2021 door rechter H.M. Boone, bijgestaan door griffier A.M.C. Guit-van den Berg.
Uitkomst: Verzoekers worden niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig aanleveren van de benodigde stukken.