ECLI:NL:RBDHA:2021:11610
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Frankrijk
Eiser, een Guinese nationaliteit, diende op 21 mei 2021 een asielaanvraag in. Verweerder nam de aanvraag niet in behandeling omdat op grond van de Dublinverordening is vastgesteld dat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling. Nederland heeft een verzoek tot terugname aan Frankrijk gedaan, dat dit heeft aanvaard.
Eiser betoogde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel jegens Frankrijk niet langer geldt vanwege ernstige tekortkomingen in het Franse asiel- en opvangsysteem, mede onderbouwd met het AIDA-rapport. Ook stelde hij dat zijn medische situatie overdracht aan Frankrijk onmogelijk maakt. De rechtbank oordeelde dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij in Frankrijk in een toestand van verregaande materiële deprivatie zou verkeren of dat hij geen medische zorg zou ontvangen.
De rechtbank stelde vast dat eiser in Frankrijk contact had met relevante instanties en voorzieningen ontving, en dat hij onvoldoende onderbouwde dat hij op straat moest leven. Ook was niet aannemelijk dat klagen over problemen in Frankrijk onmogelijk of zinloos is. Gezien het ontbreken van bijzondere omstandigheden zag verweerder geen reden om de aanvraag aan zich te trekken op grond van artikel 17 van Pro de Dublinverordening.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.