Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.De procedure
2.Het geschil en de beoordeling
922,00(2,0 punten × tarief € 478,00)
Rechtbank Den Haag
Eiser werd door Rabobank in 2019 opgenomen in het Incidentenregister, het Externe Verwijzingsregister en het Interne Verwijzingsregister wegens vermeende betrokkenheid bij fraude met zijn pinpas en pincode. Eiser stelde dat deze opname onrechtmatig was en vorderde verwijdering van zijn gegevens en schadevergoeding.
De rechtbank oordeelde dat Rabobank voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er meer dan een redelijk vermoeden van schuld bestond. De feiten toonden aan dat de pinpas en pincode van eiser werden gebruikt voor frauduleuze transacties, en eiser kon zijn verhaal onvoldoende onderbouwen. Daarnaast was het protocol voor verwerking van persoonsgegevens door financiële instellingen rechtsgeldig en onder toezicht van de Autoriteit Persoonsgegevens.
De rechtbank stelde dat de opname in de registers proportioneel en subsidiariteit was, omdat het doel van het voorkomen van misbruik van het betalingsverkeer niet op een minder ingrijpende wijze kon worden bereikt. Ook het belang van eiser om deel te nemen aan het financiële verkeer werd voldoende gewaarborgd. De vorderingen werden daarom afgewezen en eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiser af en bevestigt de rechtmatigheid van de opname van zijn gegevens in de registers.