ECLI:NL:RBDHA:2021:11880
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- F.P. van Straelen
- M.J.M. Langeveld
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen uitzetting wegens medische zorg in Marokko
Verzoeker, een Marokkaanse staatsburger met psychische aandoeningen, verzocht om uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000, stellende dat medische behandeling in Marokko niet toegankelijk is en uitzetting tot een medische noodsituatie zal leiden.
De staatssecretaris wees dit verzoek af op basis van een deskundigenadvies van het Bureau Medische Advisering (BMA), dat concludeerde dat verzoeker kan reizen onder begeleiding en dat in Marokko passende medische zorg beschikbaar is. Verzoeker bracht diverse medische rapporten in, maar slaagde er niet in aannemelijk te maken dat de zorg in Marokko feitelijk ontoegankelijk is of dat de behandeling niet kan worden voortgezet.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het BMA-advies zorgvuldig en concludent is en dat verweerder voldoende heeft gemotiveerd dat de medische overdracht en begeleiding adequaat zijn geregeld. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd daarom afgewezen, waardoor de uitzetting op 1 september 2021 kon plaatsvinden.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen uitzetting wordt afgewezen omdat medische behandeling in Marokko beschikbaar en toegankelijk is.