ECLI:NL:RBDHA:2021:12308
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende geloofwaardigheid homoseksualiteit
Eiser, een asielzoeker uit Sierra Leone, vordert een verblijfsvergunning op grond van zijn homoseksualiteit. Hij stelt dat hij in zijn land van herkomst vervolging ondervond vanwege zijn seksuele geaardheid, waaronder mishandeling en opsluiting door familie en politie. Na eerdere afwijzing en gedeeltelijke gegrondverklaring van zijn aanvraag, besloot de staatssecretaris opnieuw zijn aanvraag af te wijzen wegens onvoldoende geloofwaardigheid.
De rechtbank overweegt dat eiser onvoldoende inzicht heeft gegeven in zijn bewustwordingsproces en zijn verklaringen te algemeen zijn. Ook zijn inconsistenties in het verhaal over het gedwongen huwelijk en de geboorte van een dochter ondermijnen zijn geloofwaardigheid. Verder acht de rechtbank de ontsnapping uit het politiebureau niet aannemelijk. Hoewel eiser diverse ondersteunende documenten en verklaringen van derden heeft overgelegd, weegt de rechtbank deze onvoldoende mee omdat het zwaartepunt ligt bij de eigen verklaringen van eiser.
De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris zorgvuldig heeft gehandeld, onder meer door overleg met een LHBTI-coördinator, en dat de afwijzing van de asielaanvraag terecht is. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende geloofwaardigheid.