ECLI:NL:RVS:2020:341
Raad van State
- Hoger beroep
- J.J. van Eck
- G.M.H. Hoogvliet
- H.J.M. Baldinger
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende culturele context bij beoordeling seksuele gerichtheid
De vreemdeling, afkomstig uit Oeganda, verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris op 31 augustus 2018 werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond, waarna hoger beroep werd ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of de staatssecretaris bij de beoordeling van de geloofwaardigheid van het asielrelaas, met name de gestelde seksuele gerichtheid, voldoende rekening had gehouden met de culturele achtergrond van de vreemdeling. De vreemdeling had een rapport van Buro Kleurkracht overgelegd dat de verklaringen in culturele context plaatste.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat het rapport geen nieuwe inzichten bood en dat de staatssecretaris onvoldoende gemotiveerd had gereageerd op het specifieke deel van het rapport dat de verklaringen van de vreemdeling in culturele context plaatste. Hierdoor was het besluit onvoldoende gemotiveerd en werd het hoger beroep gegrond verklaard, het besluit vernietigd en de proceskosten aan de staatssecretaris opgelegd.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd vanwege onvoldoende motivering omtrent culturele context bij beoordeling seksuele gerichtheid.