Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 5 november 2021 in de zaak tussen
[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres
Hoogvliet B.V., te Bleiswijk, belanghebbende
Rechtbank Den Haag
Eiseres, voormalig afdelingsmanager, vroeg een WIA-uitkering aan vanwege rug- en bekkenklachten. Verweerder weigerde de uitkering omdat eiseres minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht. Dit besluit werd bevestigd in bezwaar. Eiseres stelde dat de medische beoordeling onzorgvuldig was en dat onvoldoende rekening was gehouden met aanvullende medische informatie en de noodzaak van een urenbeperking.
De rechtbank oordeelde dat de verzekeringsarts het medisch onderzoek zorgvuldig had uitgevoerd, inclusief dossieronderzoek en medisch onderzoek, en dat het eigen oordeel van de arts mocht prevaleren. De aanvullende medische informatie die eiseres aanleverde, gaf geen aanleiding tot aanpassing van de functionele mogelijkhedenlijst (FML). Ook was de arbeidsdeskundige van mening dat eiseres geschikt was voor de geduide functies.
De rechtbank concludeerde dat de medische en arbeidskundige beoordelingen voldoende gemotiveerd en plausibel waren. De stelling dat een loondoorbetalingsverplichting had moeten worden opgelegd, werd niet inhoudelijk behandeld omdat eiseres een schadeverzoek bij verweerder zou indienen. Het beroep werd ongegrond verklaard en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard en het besluit bevestigd.