ECLI:NL:RBDHA:2021:14225
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen overdracht aan Duitse autoriteiten in asielprocedure
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 20 oktober 2021 waarbij zij werd overgedragen aan de Duitse autoriteiten, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van haar asielaanvraag. Zij verzocht tevens om een voorlopige voorziening tegen dit besluit.
De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting uitspraak gedaan. Gezien de inhoud van het beroep en de omstandigheden van het geval werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is openbaar gemaakt en er staat geen hoger beroep of verzet open tegen deze beslissing.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de overdracht aan Duitse autoriteiten wordt afgewezen.