ECLI:NL:RBDHA:2021:15394
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen overdracht vreemdeling aan Luxemburg wegens medische risico's
De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen de voorgenomen overdracht van een vreemdeling aan Luxemburg op 12 februari 2021. Verzoeker, van Ethiopische nationaliteit, is sinds 3 februari 2021 in detentie en medisch beoordeeld als suïcidaal. Hij is geplaatst in een speciale observatieruimte en krijgt medicatie vanwege ernstige depressie, maar weigert deze regelmatig.
Verzoeker maakte bezwaar tegen de overdracht en vorderde een voorlopige voorziening om zijn uitzetting te voorkomen. De voorzieningenrechter oordeelde dat de nieuwe medische omstandigheden een reëel risico op decompenseren en ernstige gezondheidsschade vormen, waardoor het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet volstaat om overdracht te rechtvaardigen.
De voorzieningenrechter wees het verzoek toe en verbood de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om verzoeker uit Nederland te verwijderen totdat op het bezwaar is beslist. Tevens werd verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten van € 534,-. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: De voorzieningenrechter verbiedt de overdracht van verzoeker aan Luxemburg tot op bezwaar is beslist vanwege suïcidale toestand en risico op ernstige gezondheidsschade.