ECLI:NL:RBDHA:2021:15606
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat op grond van de Dublinverordening Italië verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn asielverzoek.
De rechtbank overweegt dat uit Eurodac-gegevens blijkt dat eiser op 17 november 2020 illegaal via Italië het Dublingebied is binnengekomen en daar op 28 november 2020 een asielverzoek heeft ingediend. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij geen asielaanvraag in Italië heeft gedaan, noch dat Nederland verantwoordelijk is. Het interstatelijk vertrouwensbeginsel tussen lidstaten wordt bevestigd, en eiser heeft onvoldoende onderbouwd dat Italië niet adequaat zijn asielverzoek zal behandelen of hem zal beschermen tegen risico’s, waaronder een familievete en mogelijke uitzetting naar Irak.
Verder acht de rechtbank de coronapandemie een tijdelijk beletsel voor overdracht, wat de vaststelling van Italië als verantwoordelijke lidstaat niet onrechtmatig maakt. De omstandigheden van eiser zijn niet zodanig bijzonder dat een uitzondering op de overdracht gerechtvaardigd is.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.