Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 april 2021 in de zaak tussen
[eiser] , geboren op [geboortedatum 1] 1978, van Turkse nationaliteit, eiser
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
.Ook is er geen afhankelijkheidsverhouding ontstaan door de contactmomenten die eiser met referent heeft gehad. Dat is weliswaar vanaf 2017 structureler geworden, maar daardoor ontstaat niet een afhankelijkheidsrelatie. Verder is volgens verweerder van belang dat eiser niet de juridische ouder is van het kind. Dat eiser een procedure is gestart om zijn kind te erkennen, doet daar niet aan af. Het beroep op gelijkheidsbeginsel heeft verweerder afgewezen aangezien eiser niet heeft onderbouwd dat sprake was van gelijke gevallen.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- draagt verweerder op binnen twaalf weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op de aanvraag met inachtneming van deze uitspraak;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 178,- aan eiser te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.068,-.