ECLI:NL:RBDHA:2021:15736
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring asielaanvraag wegens Dublinverordening en belang van het kind
Eiser diende een asielaanvraag in Nederland in, maar deze werd niet in behandeling genomen omdat op grond van de Dublinverordening Italië verantwoordelijk is voor de aanvraag. Eiser betoogde dat zijn in Nederland geboren kind sterkere banden met Nederland heeft en dat het gezin niet naar Italië kan terugkeren vanwege het belang van het kind en de onzekere verblijfsstatus in Italië.
De rechtbank overwoog dat de moeder van het kind internationale bescherming geniet in Italië en dat het kind met haar mee kan reizen. Het interstatelijk vertrouwensbeginsel maakt dat Nederland mag uitgaan van de bescherming die Italië biedt. Eiser kon niet aannemelijk maken dat dit vertrouwen onterecht was, ondanks zijn verwijzingen naar rapporten en persoonlijke omstandigheden, waaronder mensenhandel en bedreigingen.
De rechtbank wees het verzoek om aanhouding van de procedure af en verklaarde het beroep ongegrond. Er was geen sprake van schending van het belang van het kind of van het EVRM-artikel 3. Eiser werd geadviseerd zich tot de Italiaanse autoriteiten te wenden voor bescherming tegen de mensenhandelaren. De uitspraak is gedaan door rechter B. Fijnheer en griffier K.S. Smits op 24 maart 2021.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard omdat Italië verantwoordelijk is en het belang van het kind gewaarborgd is.